Het Europees Parlement verzoekt de Commissie en lidstaten om te investeren in aandacht voor mentale gezondheid in het onderwijs. Er wordt specifiek gewezen op het bespreekbaar maken van mentale problemen, het opnemen van onderwijs over mentale gezondheid in curricula en op de noodzaak voor meer ondersteuningsdiensten.


Resolutie Parlement roept op om meer te investeren in mentale gezondheid in het onderwijs

Investeren in mentale gezondheid

Er moet meer geïnvesteerd worden in het onderwijs op het gebied van mentale gezondheid volgens het Europees Parlement. Sinds de coronapandemie is de mentale gesteldheid van veel jongeren achteruitgegaan. Het Parlement heeft een resolutie aangenomen waarin het van de Commissie vraagt om samen met de lidstaten een campagne te beginnen en een plan te maken om mentale gezondheid te beschermen op alle onderwijsniveaus. Ook vindt het Parlement dat 2023 het Europese Jaar van de Mentale Gezondheid moet worden. De resolutie krijgt hoe dan ook een vervolg, want Ursula von der Leyen, voorzitter van de Commissie, kondigde dezelfde dag een Europese strategie rond mentale gezondheid aan.

Überhaupt meer investeringen vereist

Van de lidstaten wordt gevraagd om meer dan het huidige gemiddelde van 5% van het nationale BBP in onderwijs te investeren. Daarnaast is minstens 10% van de uitgaven binnen het Recovery and Resillience Fund (RRF) nodig voor onderwijsinvesteringen. Het Parlement vraagt de Commissie deze investeringen uit het RRF grondig te evalueren, en ook om meer aandacht te geven aan onderwijs in de landspecifieke aanbevelingen  uit het Europees Semester. Verder wordt er ook opgeroepen om meer te investeren in Erasmus+, om zo de mobiliteitskansen van jongeren te verbeteren en het programma weerbaarder te maken tegen potentiële toekomstige mobiliteitsbeperkingen.

Aanbevelingen en erkenning mentale problemen

De investeringen in het onderwijs zouden onder andere moeten gaan naar het opnemen van onderwijs over mentale gezondheid in het curriculum. Het Parlement vraagt ook om meer aanbod van lichamelijke buitenschoolse activiteiten, vanwege de positieve invloed op de mentale gezondheid en algehele ontwikkeling van jongeren. Daarnaast zouden digitale en innovatieve hulpmiddelen toegankelijker moeten worden voor achtergestelde groepen, zodat er geen grote verschillen ontstaan in leermogelijkheden.

Context

De Onderwijs- en Opleidingsmonitor van de Commissie toonde in 2021 aan dat de coronapandemie negatieve gevolgen heeft gehad op het welzijn van studenten, ongelijkheid in het onderwijs en leerachterstanden. Binnen het RRF is er geen minimumpercentage dat lidstaten aan onderwijs moeten besteden. Toch krijgen met name digitalisering van onderwijs en vaardighedenontwikkeling binnen de nationale herstelplannen veel aandacht. Het plan van Nederland is goedgekeurd door de Commissie en besteedt aandacht aan digitale vaardigheden.

 

Mede geschreven door Laura de Boer